Gepubliceerd: 24 augustus 2020

Mijn Coronastress

Over Corona is al veel geschreven maar ik wil graag mijn verhaal vertellen. Onze zoon Lars is 11 jaar en hij heeft het SATB2 syndroom. Dit is een vrij onbekende aandoening waarbij afwezigheid van spraak, motorische problemen, spierzwakte en een verstandelijke beperking enkele kenmerken zijn. Lars draagt luiers en heeft een afwijkend gebit. Als hij gewoon stil staat of zit dan is er aan zijn uiterlijk niets te zien. Hij krijgt ook wel eens de vraag: “ Ben jij je tongetje verloren? “. Ik reageer daar luchtig op en zeg met een glimlach “Nee hoor, hij kan niet praten maar dat kunt u niet weten”. Lars kan wel lopen maar dit is vermoeiend voor hem, voor de langere afstanden gebruiken we een rolstoel. Als alles gewoon zijn gang gaat en structuur aanwezig is dan gaat het best goed.

Echter op 16 maart was alles ineens anders. De school sloot, onze thuis begeleiders mochten niet meer komen, geen zwemmen, geen speelclubje en alles wat Lars leuk vond was in één klap niet meer mogelijk. Vanwege de maatregelen was de zorgboerderij voor Lars ook geen optie meer en daarmee verviel ook het logeren. De eigenaresse dacht met ons mee maar de absurde regels zaten ons in de weg. Dit ene nachtje per maand hadden wij als ouders hard nodig om tot rust te komen.

Ik vertelde Lars dat veel mensen ziek werden en dat we zoveel mogelijk thuis moesten blijven. Het verbaasde me dat hij dit goed leek te begrijpen, na een paar dagen vroeg hij niet meer naar school. In het begin wist ik mij geen raad met de situatie. We wisten niet hoe erg het was en we durfden Lars niet mee te nemen naar buiten. Lars houdt immers vanwege zijn beperking geen anderhalve meter afstand van anderen. De hele dag vroeg hij mijn aandacht, ik werd gedwongen om terug te gaan naar mijn eigen kind zijn en weer te gaan spelen. Het waren pittige en lange dagen. Ronald mijn vriend begon een uur eerder op zijn werk en ik was blij dat hij rond kwart over vier weer thuis kwam om de zorg over te nemen. We durfden ook niemand anders om hulp te vragen. Stel je voor dat iemand op de IC terecht zou komen door ons.

Op een gegeven moment filmde ik onze speelmomenten omdat Lars geen genoeg kreeg van het samen spelen. Zo kon hij de filmpjes kijken en dat bleek een geniale oplossing. Er waren veel moeilijke momenten, ik had soms echt even tijd nodig om alleen te zijn. Dan sloot ik me op in de badkamer. Er kwam veel pijn en verdriet los, weggestopte oude pijn. Ik werd enorm met mezelf geconfronteerd. Wat voor een moeder ben ik eigenlijk? Wat voor een moeder wil ik zijn? Wie ben ik eigenlijk?

Het verdriet was nodig. Lars die veel oude pijn bij mij aanraakte, bleek een grote leermeester te zijn. Steeds vaker nam ik de tijd om in stilte te gaan zitten en alle gevoelens er te laten zijn. Er kwam acceptatie, rust en tevredenheid. De angst ebde weg en dagelijks gingen we weer lopen met de rolstoel. Het wandelen in de frisse buitenlucht deed ons goed. Lars genoot van het kijken naar vrachtwagens als we met de bakfiets naar het viaduct reden. Hoe raar het ook klinkt, deze situatie heeft voor mij en Lars een stuk genezing gebracht. Eindelijk zet ik de stappen om mijn praktijk te starten. Het is mijn missie mensen te helpen om uit hun oude verdriet los te komen zodat ze net als mij weer verder kunnen op hun pad. Het leven is mooi als je weer helder kunt zien.

 

Meer blogitems